Adriaan van der Plas (Rotterdam, 1899 – Kerkrade, 1974) was een Nederlandse schilder, tekenaar en monumentaal kunstenaar, vooral bekend om zijn religieus geïnspireerde werk en zijn bijdragen aan de wederopbouwkunst in Nederland na de Tweede Wereldoorlog. Zijn oeuvre, gekenmerkt door monumentale kracht en spirituele diepgang, beslaat een breed scala aan technieken en formaten: van glas-in-loodramen tot schilderijen, muurschilderingen en mozaïeken.
Van der Plas werd opgeleid aan de Academie van Beeldende Kunsten in Rotterdam en vervolgde zijn studie in Parijs, waar hij zich verder verdiepte in klassieke technieken en religieuze kunst. Zijn werk laat invloeden zien van het symbolisme, maar is ook geworteld in de traditie van de moderne devotie en de katholieke beeldtaal. Hij wist traditionele religieuze thema’s te vertalen naar een eigentijdse, toegankelijke beeldtaal die herkenbaar en toch verheffend was.
Na de oorlog kreeg Van der Plas tal van opdrachten voor kerken, kloosters en scholen, vooral in Limburg, waar hij zich uiteindelijk vestigde. In plaatsen als Kerkrade, Maastricht en Sittard zijn nog altijd glas-in-loodramen, kruiswegen en muurschilderingen van zijn hand te vinden. Zijn kleurgebruik is helder en spiritueel geladen, met sterke contouren en een duidelijke symboliek.
Hoewel Van der Plas niet tot de avant-garde gerekend werd, speelde hij een belangrijke rol in de heropleving van religieuze kunst in Nederland in de twintigste eeuw. Zijn werk getuigt van toewijding, vakmanschap en een diepe verbondenheid met de spirituele dimensie van kunst. Hij laat een monumentaal en waardevol oeuvre na dat tot op de dag van vandaag zichtbaar is in het Nederlandse kerkenlandschap.





















































































